|
En ik verdwaal nu in de woorden, Gebaande paden zijn hier niet. Ik strompel tussen klanken door, de
Taal verwaait, de zin vervliegt.
En door de gangen van verhalen Kruip ik als blinde op de tast. Ik beland in eindeloze zalen En nergens vind ik daar houvast.
Want de woorden zijn als schuwe vogels, Ze vliegen op voor ik ze vang. En alle zinnen zijn begoocheld, Mijn taal is kreupel, mijn taal is lam.
|
|