|
Hemellichaam
ik lag in doorwaakte kleren tussen droom en tijd verloren toen de morgen door mijn venster scheen
ik voelde sprankelend licht aarzelende vingers dansten een liefdesdans over mijn dekens
ik scheurde de nacht aan stukken veegde flarden onder mijn kleed trok het tuimelraam open en een dag viel om mij heen.
|